Daan reist naar de Kaukasus – (4) De tijd vliegt! Plovdiv-Istanbul-Ankara

Over de weg van Plovdiv naar Istanbul, mijn dagen daar, en mijn reis verder oostwaarts.

Aan het einde van mijn vorige bericht stapte ik in in de trein van Plovdiv naar Dimitrovgrad. Mijn verwachting was dat die trein ons naar Dimitrovgrad zou brengen (goh!), dat we vanuit daar per bus naar Kapikule zouden gaan (net over de Turkse grens), en dat er vanuit daar een trein reed naar een plaatsje verderop en de rit zou eindigen met een laatste busrit naar Istanbul. Die verwachting klopte… deels.

Toen ik in Plovdiv in de trein stapte, hoorde ik gesproken Nederlands voor me. Het bleken twee meisjes – Hanna(h) en Jaella (ik ben de spelling vast aan het verprutsen) – die ook op weg waren naar Istanbul als slot van hun Interrailavontuur. De eerste Nederlanders die ik sprak sinds de jongen uit de trein naar Praag. Ze vertelden over hun tocht. Ze hadden onder andere de nachttrein van Belgrado naar Sofia genomen, maar dat was een behoorlijke nachtmerrie geweest, met een verhaal zoals ik dat al eerder had gelezen. Ik was blij met mijn keuze de bus te nemen vanaf Budapest.
Toen we een poosje in de trein zaten, kwam er een conducteur langs die ons in zeer beperkt Engels probeerde duidelijk te maken dat we er bij de volgende stop uit moesten. Onze schemaatjes konden dus de prullenbak in: noch de informatie op internet, noch het reisschema dat de meisjes hadden gekregen in Sofia zei iets over verstoringen tussen Plovdiv en Dimitrovgrad. Maar hé, de conducteur wist waar we uit moesten komen, dus ik vond de situatie vooral steeds grappiger worden. De conducteur bracht ons naar een bus (zelf ging hij ook mee), die aan een tocht begon door wat voor een vreemde leek op een totaal niemandsland, vrolijk zwenkend over de brede wegen. Ik werd er melig van. Na een halfuur kwamen we in een plaatsje aan dat Dimitrovgrad bleek te zijn. We volgden de conducteur en kwamen voor een treinstation dat er inderdaad behoorlijk dicht uit zag. De man wees ons op de plek waar – zo interpreteerden we – een bus zou verschijnen. Zelf liep hij een gebouw binnen naast het station zelf. Er hing een grote Russische vlag aan de gevel, en de lampen in het gebouw flikkerden behoorlijk. Het tafereel had een hoop weg van een horrorfilm met een te laag budget om eng te worden.

Ondertussen had zich een andere jongen bij ons gevoegd. Deze jongen, Colin, kwam uit Los Angeles, en al snel raakte hij en ik geanimeerd in gesprek over basketbal en American football. Een gesprek over de kansen van de Lakers, Eagles en Niners in het aankomende seizoen op een donker muurtje in Dimitrovgrad: ik vond het prachtig :). Na een hele poos (anderhalf uur? Twee?) niks vernomen te hebben, kwam er dan toch een bus aan. Geen idee hoe ver die ons zou brengen, maar dat zouden we vanzelf wel zien. Ik zette mijn gesprek met Colin voort, en om middernacht zongen we met zijn drieën (hij, Hanna(h) en ik) zachtjes Happy Birthday: Jaella(?) was 19 geworden. Toen we bij de grens waren, werden onze paspoorten ingenomen: een procédé waar ik na Budapest-Sofia aan gewend was. Na nog een paar posten en ik geloof grofweg een uur waren we aan de andere kant. Het terúggeven van de paspoorten ging wel aanzienlijk anders dan in Servië en Bulgarije, toen de zeer consciëntieuze ‘attendant’ ons netjes een voor een ons paspoort gaf. Hier werden ze in één grote stapel aan de voorste passagier in de bus gegeven, en mochten we ze zelf uitzoeken. Als je nog een keer identiteitsfraude wil plegen, kan ik je deze gelegenheid van harte aanbevelen. We waren opgelucht toen we onze paspoorten weer in eigen handen hadden, maar we stonden wel een poos stil omdat iemand het zijne kwijt was. Dat kwam gelukkig weer goed, en na flink oponthoud konden we weer verder – na nog een keer van bus te zijn gewisseld, maar zonder trein.

Om 7u ’s ochtends waren we vrijdag dan in het hart van Istanbul. Colin voegde me toe op Facebook – net als Paul nam ook hij de roamingkosten voor lief – en we zeiden elkaar gedag. Ik ging op een bankje zitten, met een grote grijns op mijn gezicht: bestemming bereikt! Ik was wel ontzettend moe: door de nachtelijke grensavonturen en andere omstandigheden die er steeds voor zorgden dat ik net wakker was als de zon op kwam, had ik in de 70 uur sinds ik dinsdagochtend wakker werd maar zo’n 7 uur geslapen (de helft in de trein tot Berlijn, de andere helft tot de Servische grens). De adrenaline van het bereikt hebben van Istanbul hield me nog net lang genoeg op de been, maar ik viel een aantal keer bijna op klaarlichte dag in slaap. Na een lange ochtend kon ik om 13u dan eindelijk inchecken in mijn hostel. De man die me mijn kamer liet zien, raadde me aan om een douche te nemen: dat had ik ook al wel bedacht. Door de vochtigheid in Istanbul gutste het zweet van mijn voorhoofd. Ik pakte snel mijn douchespullen en ging onder de ijskoude kraan staan. Ik liet mijn ouders weten dat ik heelhuids was aangekomen, was blij met de formidabele airco op mijn kamer, en ging op bed liggen voor een ‘middagdutje’. Dat zou uiteindelijk van half drie tot half negen (!) duren. Ik trok schone kleren aan en ging de stad in, op zoek naar een terras om te eten. Het was inmiddels best aangenaam – dat ik geen zware rugzak meezeulde hielp ook. Ik werd wel meteen geconfronteerd met wat ik het irritantste aspect van Istanbul zou vinden: dat je niet fatsoenlijk een menukaart kan bekijken, omdat zodra je daar een blik op werpt, er meteen iemand in je gezicht staat te hijgen. Maar uiteindelijk kwam ik terecht bij een restaurant waar de prijzen goed waren en het personeel vriendelijk. Één van de jongens sprak zelfs een paar zinnen Nederlands :).. Ik at een heerlijke gevulde aubergine, gevolgd door een perfect bord pasta. Toen een van de obers daarna met een bordje met baklava en een kop Turkse thee aankwam en zei ‘my present for you’, gingen mijn ‘tourist trap’-alarmbelletjes rinkelen: als ik het op zou eten, zou het vast op de rekening verschijnen. Vooruit, dacht ik, en niets bleek minder waar, al gaf ik wel een fooi die de kosten van het toetje vermoedelijk wel zo’n beetje dekte. Een geslaagde eerste indruk!

Eenmaal weer thuis viel ik, na nog even gechat te hebben, weer als een blok in slaap, ondanks mijn zes uur slaap die middag/avond. De volgende twee dagen bezocht ik een paar van de toeristische highlights. Het archeologisch museum was gaaf maar bood wel een overload aan informatie. Het Topkapipaleis was vooral heel erg druk, en zoals Jorn (zie hieronder) het treffend zou verwoorden: al die tegeltjes gaan na een poosje toch op elkaar lijken. De Hagia Sophia, daarentegen, maakte al mijn verwachtingen meer dan weer. Verder deed ik het vooral rustig aan: Istanbul was prachtig, maar het was er iets te vochtig/drukkend voor me, dus ik bracht ook veel tijd door op mijn koele kamer of in een groot park.

Op zaterdag kreeg ik nog een heel tof berichtje van Paul, met de vraag hoe het échte oost-Europa was. Hij wilde me nog een ‘shout-out’ geven voor hij de vlucht naar Rome pakte. Ik stuurde terug dat hij wat typische oostblokchaos gemist had, maar dat ik zeker wist dat hij Rome geweldig zou vinden. Ook chatte ik nog even met Colin over het laatste sportnieuws. Maandag had ik afgesproken met UvH-vriendin Roline en haar vriend Jorn. We hadden een heel gezellige middag, waarop we twee moskeeën bezochten, wat aten (en zagen hoe Jorn 15 procent korting bedong), en ervaringen uitwisselden. Toen ik die maandag mijn laatste avond in Istanbul had, besloot ik dat ik beslist nog eens terug moest komen, maar dan niet in augustus.

De volgende ochtend stond ik erg vroeg, nog voor zessen, op. Om eventuele complicaties voor te zijn, wilde ik zo vroeg mogelijk naar Ankara. Ik besloot me niet te wagen aan een experiment met het openbaar vervoer in Istanbul, en maakte een taxichauffeur dolblij door de hoofdprijs te betalen voor een taxi naar het busstation, ten noordwesten van het centrum. Eenmaal daar liep ik het kantoortje binnen van en van de grotere busvervoerders, Pamukkale. Voor het zeer acceptabele bedrag van 55 lira (19 euro) mocht ik met de bus van zeven uur mee. Hoewel ik nog even twijfelde over welke bus om moest hebben – degene die om 7u klaarstond ging volgens het bordje naar Bodrum – werd ik uitstekend geholpen door ‘attendant’ Onur. Het bleek dat we deze bus moesten hebben, om bij een stop over te stappen in een andere bus richting Ankara. Onur was erg vriendelijk, en we raakten aan de praat. Trots liet hij een berichtje zien van een Thaise passagier de week ervoor, en hij wilde mij ook graag toevoegen op Facebook :). De bus was waanzinnig: leren bekleding, zeeën aan beenruimte, uitstekende airco… Het entertainmentsysteem bood hier alleen Turkse films, maar daar stond tegenover dat de wifi hier wel (soms) werkte. Oh, en Onur kwam twee keer langs met gratis hapjes en drinken. Al met al was het een zeer comfortabele rit, en na precies zes uur kwamen we om 13u aan in Ankara. Daar kwam ik het eerste hurktoilet tegen (helaas) en was het nog steeds warm, maar wel een stuk beter te hebben dan in Istanbul. Omdat ik meer dan genoeg tijd had, besloot ik de taxi’s te laten staan, en te voet de weg naar het treinstation te zoeken. Het duurde even voordat ik me kon oriënteren: alle straatnamen in Ankara waren veranderd: de 85e straat heette nu opeens de 1e straat, iets waar mijn gedownloade kaart nog geen weet van had. Gelukkig stonden de oude namen wel nog onderaan de straatnaambordjes, en na een wandeling die door de zon en mijn twee rugzakken toch nog onaangenaam lang was, had ik het treinstation gevonden, ruim op tijd voor mijn trein naar Erzurum van 18u. Een rit die een van de hoogtepunten van de reis tot nu toe zou worden….

De volgende keer vertel ik over de trein van Ankara naar Erzurum, en het vervolg van mijn reis, naar Batumi (Georgië) en Yerevan (Armenië). Ik loop een tikkeltje achter (op het moment van publiceren ben in net in Yerevan aangekomen), maar hoop dat snel weer in te halen ;). Wil je niks missen? Abonneer je dan op de site via de knop links. Dan krijg je een mailtje als ik een nieuw bericht heb geplaatst. Handig toch? :)

3 comments

  1. Avontuurlijke Daan, bij het lezen van je blog zie ik het helemaal voor me.
    Leuk om te lezen wat jou zoal bezig houdt op een reis.
    Ik lees het met een lach: van binnen en van buiten (mijn huisgenoten zullen wel denken, haha).
    Ik kijk uit naar je volgende blog!!

  2. Lieve Daan, Je wordt een echte schrijver:) gedichten en spannende reisverhalen! Ben super trots op jou. Ik kijk uit naar het volgende verhaal. Ik wens verder nog een goede en veilige reis toe! Lieve groet Maria

Geef een reactie